Verzet tegen strafbeschikking

Dien je bezwaar in tegen de strafbeschikking dan is het onnodig om te betalen totdat het verzet tegen strafbeschikking is behandeld. Let wel op, want over het algemeen heb je maar veertien dagen om het verzet aan te geven. Dit kan op twee manieren gedaan worden. De eerste manier is door middel van een schriftelijk bezwaar, dit kan alleen gedaan worden door de verdacht of zijn/haar advocaat. De brief moet opgestuurd worden naar het parket dat op de strafbeschikking is aangegeven. Bij de brief moet een kopie van de strafbeschikking toe worden gevoegd, een alternatief is het vermelden van het parketnummer of CJIB-nummer. De tweede manier om in bezwaar te gaan is het in persoon doen. Dit kan aan de balie van het dichtstbijzijnde parket of bij de rechtbank. Het kan gedaan worden door de verdacht, zijn/haar advocaat of door iemand die door de verdachte schriftelijk is gemachtigd.

Effect van een bezwaar

Nadat de Officier van Justitie het bezwaar heeft binnengekregen, kan hij of zij twee dingen doen. De aanklager kan ervoor kiezen om de zaak alsnog voor te leggen bij de rechter. Gebeurt dit, dan ontvangt de verdachte een oproep voor de behandeling door de strafrechter. Op de rechtszitting kan de Officier van Justitie een zwaardere straf eisen. De aanklager kan er daarnaast voor kiezen om de strafbeschikking te wijzigen of in te trekken. Als de Officier van Justitie de strafbeschikking seponeert, oftewel intrekt, dan is de zaak daarmee beëindigd. Als de aanklager de strafbeschikking wijzigt dan krijgt de verdachte een aangepaste versie. Dit kan hij of zij accepteren of weigeren. Bij het accepteren zal de verdachte dan de boete moeten betalen, de taakstraf moeten uitvoeren, et cetera. Weigert de verdachte dan blijft het verzet gelden en zal de zaak alsnog voorgelegd worden aan de strafrechter. Bij deze rechtszaak zal dan de straf van de verdachte duidelijk worden.